Ommetje Sint-Margriete - De Boetekapel

Aan de oostkant van het kerkhof van Sint-Margriete staat een kleine kapel die in het dorp al eeuwen bekendstaat als de boetekapel. Op het eerste gezicht lijkt het gewoon een kapelletje zoals er zoveel zijn in Vlaanderen. Maar achter dit gebouwtje schuilt een opmerkelijk verhaal.

Daarvoor moeten we terug naar 1727.

In die tijd was de kerk het centrum van het dorpsleven. De mensen leefden met een groot ontzag voor alles wat met het geloof te maken had.

Toch schrikte dat de echte schurken niet af. In de nacht van 15 op 16 juni 1727 drong een trio schelmen binnen in de kerk van Sint-Margriete. Aangezien alle kerken eenzelfde opbouw hebben, moesten ze niet lang zoeken. Ze braken het tabernakel open en gingen aan de haal met een zilveren kelk, een zilveren ciborie (met een grote hostie) en een chrismatorium (met de heilige oliƫn om naar de zieken te brengen). De hosties werden buiten in een gracht gesmeten.

Heiligschennis!

De hoofddader is later in Vlissingen opgepakt en ze waren er niet mals mee: eerst zijn beide handen afgehakt, daarna werd hij gewurgd en tenslotte opgestookt op de brandstapel. En ja, in de hel zal hij ook wel terechtgekomen zijn.

Een paar jaar na de diefstal, in 1729, werd op de plaats waar de hosties werden gevonden een kleine kapel gebouwd ter ere van Sint-Margaretha, de patroonheilige van het dorp.

In de kapel werd ook een waterput gegraven. Men vertelde dat het water uit die put een genezende kracht had. Vooral mensen die last hadden van kinkhoest kwamen hier bidden en dronken een beetje van het water.

Zo groeide deze plek uit tot een klein bedevaartsoord. Met Sinksen trok er zelfs een heuse boeteprocessie naar de kapel.

Het oorspronkelijke kapelletje uit de achttiende eeuw bleef niet bewaard. In de negentiende eeuw werd het vervangen door de iets grotere neogotische kapel die we vandaag nog zien. Binnenin zou de link met het verleden echter nog tastbaar zijn: men zegt dat het altaar uit de vroegere kerk hier een nieuwe plek heeft gekregen.

De kapel herinnert dus niet alleen aan een opmerkelijke diefstal, maar ook aan een tijd waarin geloof, angst voor straf voor je zonden en hoop op genezing een grote rol speelden in het dagelijks leven van de mensen.